Minister Agema van VWS en minister Van Hijum van SZW hebben in een Kamerbrief van 4 april 2025 vragen beantwoord over ontwikkelingen rondom zelfstandige zorgprofessionals.
In de Kamerbrief wordt herhaald dat alle lopende, goedgekeurde modelovereenkomsten geëerbiedigd worden tot eind 2029. Dit betekent dat de modelovereenkomsten die op 6 september 2024 waren goedgekeurd en die voor eind 2029 zouden aflopen, geldig blijven tot eind 2029. Een voorwaarde is uiteraard dat deze modelovereenkomsten voldoen aan wet- en regelgeving, zo niet dan trekt de Belastingdienst de betreffende goedkeuring van de modelovereenkomst in. Ook nieuwe jurisprudentie kan aanleiding zijn een modelovereenkomst voor de toekomst in te trekken. Het laatste was bijvoorbeeld het geval bij de modelovereenkomsten ‘vrije vervanging’ die – naar aanleiding van het Deliveroo-arrest van 24 maart 2023 -per 1 januari 2024 zijn ingetrokken.
Verder kan de Belastingdienst een goedgekeurde modelovereenkomst intrekken als blijkt dat niet volgens de voorwaarden in de modelovereenkomst gewerkt wordt of kan worden. Daarbij neemt de Belastingdienst algemene beginselen van behoorlijk bestuur in aanmerking, hetgeen inhoudt dat hier een redelijke termijn voor gesteld wordt. Daarnaast biedt een goedgekeurde modelovereenkomst alleen zekerheid voor zover opdrachtgever en opdrachtnemer daadwerkelijk werken zoals is overeengekomen in de modelovereenkomst. Wij verwachten dat de Belastingdienst regelmatig zal (moeten) stellen dat niet overeenkomstig de overeengekomen modelovereenkomst is gewerkt.
De minister gaat ook in op de vraag of er mogelijkheden zijn voor het btw-vrij organiseren van een ‘huisartsenflexpool’ binnen een regio. De minister merkt op dat in de btw geldt dat iedere levering of dienst tegen vergoeding, waaronder het ter beschikking stellen van personeel, als uitgangspunt belast is tegen het algemene btw-tarief (21%). Op de vraag welke mogelijkheden er zijn – voor bijvoorbeeld een huisartsenflexpool – om btw-vrijgesteld personeel ter beschikking te stellen of een andersoortige prestatie btw-vrijgesteld te verrichten, verwijst de minister naar het Beleidsbesluit ter beschikkingstelling van personeel van 7 juni 2024 en merkt op dat de Europese btw-richtlijn geen mogelijkheden biedt tot verdere verruiming op dit punt.
Van de mogelijkheden die geschetst worden in het voornoemde Beleidsbesluit lijken een aantal richtingen het meest passend te zijn voor de zorg. Dit zijn: 1) Pot- of poolovereenkomst: Samenwerkende partijen sluiten één gezamenlijke arbeidsovereenkomst met een personeelslid en verdelen de brutoloonkosten via een zogenaamde pot- of poolovereenkomst; 2) Onderaanneming van een zorgprestatie en 3) Uitlenen van personeel als nauw samenhangende prestatie binnen de Wmo- zorg of de Jeugdzorg en binnen de vrijstelling voor het verzorgen en het verplegen van in een inrichting opgenomen personen. VWS is samen met veldpartijen in de vorm van werkgroepen bezig om deze drie mogelijke richtingen zo optimaal mogelijk vorm te geven en makkelijker toepasbaar te maken voor werkgevers in zorg en welzijn.
Heeft u vragen naar aanleiding van dit bericht of over de inzet van zzp’ers in algemene zin, neem dan gerust contact met ons op.
