Betalingen aan logeerouder geen bron van inkomen

De Kennisgroep resultaat uit overige werkzaamheden van de Belastingdienst heeft onlangs de vraag beantwoord of betalingen aan een logeerouder een bron van inkomen vormen.

De casus is als volgt:

X en het gezin van X fungeren door tussenkomst van Stichting Y als logeergezin voor kinderen met een hulpvraag. Stichting Y is een zorgorganisatie. X heeft voor het zijn van logeerouder een overeenkomst gesloten met Stichting Y. X ontvangt hiervoor een vergoeding van Stichting Y ter grootte van € 35 per dag. Uit de overeenkomst tussen X en Stichting Y volgt dat de vergoedingen die X van Stichting Y ontvangt, nooit hoger kan zijn dan de vergoeding die Stichting Y ontvangt van het zorgkantoor of van andere financiers van zorgverlening.

X maakt ter zake van het zijn van logeerouder onder andere kosten ter zake van maaltijden, gas/water/licht, kleding, schoenen en luiers, verzorgingsproducten, sporten, zwemmen/scouting, reiskosten van het halen en brengen van het kind, uitjes zoals pretpark/bios, het aanschaffen van spel- en ontwikkelmateriaal. Daarnaast worden zaken aangeschaft zoals een bed en beddengoed, een fietsstoeltje, kinderfiets, box, autostoeltje, kinderstoel. Op verjaardag en op feestdagen zoals Kerst of Sinterklaas wordt een cadeautje voor het logeerkind aangeschaft.

Door Stichting Y is een reëel onderzoek gedaan naar de door X gemaakte kosten en hierbij is door Stichting Y vastgesteld dat de gemaakte kosten van X de door X ontvangen vergoeding veruit overtreffen.

Vraag

Aan de Kennisgroep van de Belastingdienst is de vraag voorgelegd of de betalingen aan X voor het zijn van logeerouder een bron van inkomen vormen?

Antwoord

Inkomsten uit werkzaamheden zijn alleen belast als sprake is van een bron van inkomen. Daarvoor gelden drie cumulatieve voorwaarden:

  1. deelname aan het economische verkeer (dus niet alleen hobbymatig of privé)
  2. het (subjectieve) oogmerk om (geldelijk) voordeel te behalen
  3. de (objectieve) verwachting dat het voordeel redelijkerwijs kan worden behaald.

Het gaat in de geschetste casus om activiteiten waar het voordeeloogmerk niet de verklaring vormt voor een ontvangen beloning. Het is aannemelijk dat de activiteiten worden verricht vanuit persoonlijke, ideële overwegingen, te weten het bieden van een logeerplek voor kinderen met een hulpvraag door tussenkomst van Stichting Y. Het persoonlijke karakter wordt bevestigd door de omstandigheid dat objectief is vastgesteld dat de kosten de ontvangen vergoeding veruit overtreffen en door de omstandigheid dat de kinderen met hulpvraag geen familie zijn van X.

Voor de beoordeling of de kosten de vergoeding overtreffen is het niet relevant of de kosten fiscaal al dan niet aftrekbaar zijn. Er dient immers eerst beoordeeld te worden of sprake is van een bron van inkomen. Slechts relevant is of de kosten worden opgeroepen door het zijn van logeerouder. Daar is in dit geval sprake van.

Kortom, er is geen sprake van een bron van inkomen. De werkzaamheden liggen in de persoonlijke sfeer. Het ideële karakter van de activiteiten staat voorop.

Hoewel er geen sprake is van een bron van inkomen voor de logeerouder, is de vraag of Stichting Y een renseigneringsverplichting heeft ten aanzien van de betalingen aan de logeerouder?

Heeft u vragen naar aanleiding van dit nieuwsbericht? Of wilt u een soortgelijke casus afstemmen met de Belastingdienst? Neem hiervoor contact met ons op.

Deel dit bericht via