Eerder hebben wij bericht over de antwoorden van staatssecretaris Heijnen van Financiën van 5 december 2025 op vragen vanuit de Eerste Kamer ten aanzien van de wijziging van youngtimerregeling. Door deze wijziging geldt de youngtimerregeling vanaf 2027 alleen nog voor auto’s van 25 jaar en ouder. Daarmee vervalt de gunstige bijtelling voor veel ondernemers en zzp’ers die oudere zakelijke auto’s rijden. Op basis van het aangenomen amendement zou er ook een afwijkende regeling voor 2026 gelden.
Op 12 december 2025 heeft de staatssecretaris de Nota’s naar aanleiding van het tweede verslag aan bij de wetsvoorstellen die horen bij het pakket Belastingplan 2026 aan de Eerste Kamer aangeboden.
In de nota bij het Belastingplan 2026 wordt ook ingegaan op het amendement die tot aanpassing van de youngtimerregeling heeft geleid. Daarnaast wordt in deze nota opmerkt dat de nieuwe pseudo-eindheffing voor niet volledig elektrische auto’s alleen gaat gelden als de personenauto voor privédoeleinden, waaronder woon-werkverkeer, wordt gebruikt. Het kabinet wil de pseudo-eindheffing niet opleggen als een werknemer een niet volledig elektrische personenauto ter beschikking gesteld krijgt door de werkgever als deze terbeschikkingstelling alleen beoogt om de organisatie goed te laten functioneren.
In de antwoorden van 12 december 2025 antwoordt de staatssecretaris dat het niet in de rede ligt om, in afwijking van een net door de Tweede Kamer aangenomen amendement, een variant op het aangenomen amendement toe te zeggen aan de Eerste Kamer, bijvoorbeeld de introductie van een overgangsregeling.
Enkele dagen na dit antwoord komt de staatssecretaris toch tegemoet aan deze oproep. In een Kamerbrief van 16 december 2025 blijkt de staatssecretaris gehoor te geven aan een oproep van leden van verschillende fracties in de Eerste Kamer die vragen om een overgangsregeling.
In de Kamerbrief van 16 december 2025 informeert de staatssecretaris de Kamer over het voornemen van het kabinet om via een besluit vooruitlopend op wetgeving goed te keuren dat de youngtimerregeling van toepassing mag blijven op auto’s die in de loop van 2025 15 jaar zijn geworden of nog worden en in de loop van 2025 al ter beschikking zijn gesteld aan dezelfde werknemer of ter beschikking staan aan de IB-ondernemer. Voor deze auto’s zal in geheel 2026 de youngtimerregeling (kunnen) blijven gelden. Belastingplichtigen zijn niet verplicht deze goedkeuring toe te passen.
Wat betekent deze toezegging?
Zodra een auto in 2025 15 jaar oud is geworden of nog wordt in 2025 valt deze auto onder de youngtimerregeling. Op basis van het aangenomen amendement zou vanaf 1 januari 2026 tot het moment dat de auto 16 jaar oud wordt, een bijtelling van 25% over de cataloguswaarde gelden. Zodra de auto 16 jaar oud is, zou de youngtimerregeling weer van toepassing zijn tot 1 januari 2027. Door de toezegging van het kabinet gaat voor deze auto echter voor geheel 2026 de youngtimerregeling gelden.
Het beleidsbesluit zal op zo kort mogelijke termijn vooruitlopend op wetgeving worden gepubliceerd en zal de dag na publicatie in de Staatscourant in werking treden met terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2026.
De Eerste Kamer heeft op 16 december 2025 gestemd over het Belasting 2026 en daarbij ook twee moties aangenomen ten aanzien van de youngtimerregeling, te weten:
- Motie-Koffeman (PvdD) c.s. over het behouden van meer elektrische voertuigen voor de Nederlandse tweedehandsmarkt (motie 36812 O)
- Motie-Kroon (BBB) c.s. over niet beoogde meeropbrengsten youngtimerregeling terugsluizen (motie 36812 S)
Heb je vragen naar aanleiding van dit bericht? Neem dan contact met ons op.
